Wie langs de Weteringschans in Amsterdam loopt, ziet een statige oude kantoorvilla bij het Rijksmuseum. Aan de gracht gebeurt iets opvallends: een grote warmtewisselaar wordt het water in gebracht. Niet om de gevel op te knappen, maar om het pand op een andere manier van warmte en koeling te voorzien.
De techniek heet aquathermie. Een warmtewisselaar haalt energie uit het grachtenwater en geeft die via een systeem af aan een warmtepomp in het gebouw. Zo wordt water uit de directe omgeving een bruikbare warmtebron. Eén warmtewisselaar was al onder water geplaatst, een tweede werd tijdens de reportage aangebracht.
Het monument wordt tegelijk gerenoveerd. Er komt isolatie waar dat met respect voor het gebouw kan, en op het dak liggen zonnepanelen die vanaf de straat nauwelijks zichtbaar zijn. De bedoeling is dat het energielabel uiteindelijk van G naar A++ verbetert.
Dat nieuwe label is nog een verwachting, geen vastgesteld eindresultaat. De aanleg is wel tastbaar begonnen. Het interessante is vooral dat ook historische gebouwen kunnen overstappen op moderne energiesystemen zonder hun karakter te verliezen. Volgens betrokkenen kan grachtenwater op meer plekken in de Amsterdamse binnenstad een rol spelen, al zal dat per pand onderzocht moeten worden.